
Hoogtetraining draait om één molecuul en één traject: hoe zuurstof van de buitenlucht tot in de mitochondriën van de werkende spier raakt. Wie dat traject begrijpt, begrijpt waarom hoogte werkt, waarom het effect klein en individueel is, en waarom de voorbereiding weken vóór het kamp begint.
Rond hoogtetraining hangt veel mythologie: "ijle lucht", "minder zuurstof", "je bloed wordt dikker". Die beelden zijn niet fout, maar ze zijn te grof om trainingsbeslissingen op te bouwen. De literatuur van de voorbije 25 jaar wijst telkens naar hetzelfde patroon: hoogte grijpt in op het zuurstoftransport, de winst is bescheiden (doorgaans onder de 2% op sportspecifieke prestatie), en ze verschilt sterk van atleet tot atleet (Lundby, Millet & Calbet, 2012; Girard, Levine, Chapman & Wilber, 2023). Om die winst te kunnen sturen, moet je eerst zien wat er fysiologisch gebeurt zodra je loper hoger gaat leven — niet als losse feitjes, maar als één samenhangend traject van molecuul tot mitochondrie.
De Hoogtegids · gratis previewGratis preview — open in de browser.