Van 1.258 grote duurloopwedstrijden vond meer dan een kwart plaats in matige tot extreme hitte; zonder de marathon meegerekend zelfs de helft. De gangbare loopliteratuur behandelt warmte vooral als iets om te overleven. Die voorstelling laat twee dingen liggen: de schade is meetbaar en voorspelbaar — er is een optimaal wedstrijdvenster, en per graad daarbuiten valt de prestatie met een vaste marge terug — en goed gedoseerd is hitte een van de krachtigste en goedkoopste trainingsprikkels die een duurloper heeft, langs dezelfde route waarlangs een hoogtestage werkt, maar zonder berg. Opgebouwd van mechanisme naar adaptatie, en van adaptatie naar het protocol van de wedstrijddag, met originele figuren en onderbouwd met bronnen en referenties (met DOI).Of 1,258 major endurance races, more than a quarter took place in moderate to extreme heat; leave the marathon out and it is half. The usual running literature treats heat mainly as something to survive. That picture misses two things: the damage is measurable and predictable — there is an optimal racing window, and beyond it performance falls by a fixed margin per degree — and well dosed, heat is one of the most powerful and cheapest training stimuli an endurance runner has, along the same route by which an altitude camp works, but without the mountain. Built from mechanism to adaptation, and from adaptation to the race-day protocol, with original figures and supported with sources and references (with DOIs).
Gebouwd op jarenlange studie en de nieuwste wetenschappelijke inzichtenBuilt on years of study and the latest scientific insights


Hitte als tegenstander die begrepen en beperkt moet worden, en hitte als prikkel die gericht ingezet kan worden. Elk hoofdstuk eindigt in de trainingspraktijk. Onder meer:Heat as an opponent to be understood and limited, and heat as a stimulus to be applied deliberately. Every chapter ends in training practice. Among the topics:
114 pagina's · 25 hoofdstukken · 20 originele figuren · onderbouwd met 53 bronnen en referenties (met DOI). Plus een woordenlijst.111 pages · 25 chapters · 20 original figures · supported with 53 sources and references (with DOIs). Plus a glossary.